Google PlusFacebookTwitter

Champignongrot vervangt gekraakt bed

By on feb 5, 2018 in general | 0 comments

Share On GoogleShare On FacebookShare On Twitter

Verslaggever op zijn plaats gezet in casino

Veel tijd om te slapen is er niet meer. Toch is ‘slapen’ als happening elk jaar een van mijn favorieten. Vorig jaar nog in een moskee, dit jaar leek ik naast het bed van God te mogen liggen, in het observatorium op Perron Mozaique, uitkijkend over het grootse Rotterdam. Maar priviléges zijn er om afgepakt te worden.

Om tien uur zag het er allemaal nog zo goed uit. De Momo-medewerkers bij het observatorium hadden een briefje en daarop stond achter mijn naam ‘Cabine’. “In de pocket”, dacht ik. “Ik slaap in één van die drie geweldige slaapkamers bovenop de stellage bij het Hofplein, yeah!!”

De fietstocht van mijn laatste mooie gidstocht met Stef Kamil Carlens is dan ook een soort opwarmdroom. Bij Perron Mozaique beginnen de vogels al aan de nieuwe dag als ik hem nog moet afsluiten. Terwijl ik de ene wonderlijke ervaring nog een plek probeer te geven, glij ik al langzaam in de andere.

Het idyllische plaatje wordt langzaam donkerder naarmate ik dichter bij de stellage kom. Er staat niemand op de uitkijk, het licht is overal uit. Dat is niet zo heel raar om half vijf, maar toch voelt het niet goed.

De cabines waren vanmiddag ook niet afgesloten, dus ik zou er zo in kunnen. Maar iemand anders ook.

Bij het passeren van de eerste cabine weet ik het eigenlijk al. Twee mensen liggen heerlijk te slapen. Vanaf hier zie ik in – mijn – tweede slaapruimte een flinke berg op bed liggen. “Mijn laken ligt er thuis ook wel eens zo bij als ik het bed niet heb opgemaakt”, maak ik mezelf wijs. Maar zelfs met het winterdekbed krijg ik zo’n bult nooit voor elkaar.

Halverwege is er geen twijfel meer. Er ligt iemand in mijn bed. Weer vijf treden verder vervliegt ook het idee om hem of haar er uit te smijten: het zijn er drie!

Twee inmondige vloeken duurt het. Daarna geef ik me gewonnen: mijn bed is gekraakt. En als ik echt denk ik in mijn eentje meer recht op dat eenpersoonsbed heb dan die drie daar, hoor ik helemaal niet thuis op dit festival.

Na nog een scheldwoord – ik had echt heel veel zin in slapen op die plekc- komt de berusting. Als ik me beneden meld bij het verlaten casino, is er geen enkel probleem: “Kies maar een bed uit.” Keuze genoeg, zeker dertig bedden zijn nog leeg, zwak verlicht door foute kermislampjes en wandspiegels. En de wc is ook een stuk dichterbij.

Een paar minuten later kruipt tegenover me een oude bekende net in haar veldbed. Twee jaar geleden lagen we in dezelfde vrachtwagen bij de Erasmusbrug. Toen voelden we ons diepvrieskippen. En geloof het of niet, maar dat schept een band, samen doodvriezen. Zo erg is het vannacht gelukkig niet. Nu zijn we eerder grotchampignons. Een beetje klam in dit gewelf, maar niet echt koud. Ietsje later kiest ook organisator Harry Hamelink een bed uit. Vader Momo laat zijn kinderen niet in de steek. Zou in de cabine al iemand uit het bed zijn gevallen?

Object bekijken
15:19/14/04/2007

Submit a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *